Insight

De transitievergoeding in 2026: berekening, maximum en uitzonderingen

21 jul 2026 · Door localsam · 6 min leestijd

Bij vrijwel elk ontslag op initiatief van de werkgever is een transitievergoeding verschuldigd, en sinds 2020 al vanaf de eerste werkdag. De berekening is sinds de invoering van de WAB eenvoudig en lineair: een derde bruto maandsalaris per volledig dienstjaar, met de rest naar rato per dag. Voor 2026 geldt een wettelijk maximum van 102.000 euro bruto — geïndexeerd op de contractloonontwikkeling — of een bruto jaarsalaris als de werknemer meer verdient. Bij ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever kan daar een onbeperkte billijke vergoeding bovenop komen. Dit artikel legt de berekening, het maximum en de uitzonderingen uit. Het is algemene informatie, geen juridisch advies.

Wanneer je een transitievergoeding moet betalen

De transitievergoeding is de wettelijke ontslagvergoeding die je als werkgever betaalt wanneer het dienstverband op jouw initiatief eindigt. Sinds de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) in 2020 bouwt een werknemer dat recht op vanaf de eerste werkdag — de vroegere drempel van twee jaar dienstverband is vervallen.

Je bent de vergoeding verschuldigd bij ontslag via het UWV of de kantonrechter, en ook als een tijdelijk contract op jouw initiatief niet wordt verlengd. De belangrijkste uitzondering: bij ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer vervalt het recht. Ook bij ontslag met wederzijds goedvinden via een vaststellingsovereenkomst is de transitievergoeding formeel niet verplicht, maar in de praktijk dient die vaak als ondergrens voor de onderhandeling.

De berekening: een derde maandsalaris per jaar

De hoofdregel is eenvoudig. Voor elk vol dienstjaar bedraagt de transitievergoeding een derde van het bruto maandsalaris. Voor de resterende maanden en dagen wordt naar rato gerekend — per dag op basis van het deel van het jaar.

Een voorbeeld maakt het concreet. Stel: een werknemer is 12 jaar, 8 maanden en 14 dagen in dienst, met een bruto maandsalaris van 3.400 euro inclusief vakantietoeslag. Over de twaalf volle dienstjaren is de vergoeding 12 × 1/3 × 3.400 = 13.600 euro. Over de acht maanden komt daar 8 × 1/3 × 1/12 × 3.400 = 755,56 euro bij. En de veertien resterende dagen leveren 14 × 1/3 × 1/365 × 3.400 = 43,47 euro op. Bij elkaar: 14.399,03 euro.

Belangrijk is wat er allemaal meetelt in dat “maandsalaris”. Het gaat niet alleen om het kale brutoloon, maar ook om vakantiebijslag, een vaste eindejaarsuitkering of dertiende maand, structurele onregelmatigheidstoeslag, structureel overwerk en vaste variabele beloning zoals een bonus of provisie. Ziekte of verlof heeft geen invloed: er wordt gerekend met het loon dat de werknemer zonder ziekte zou hebben verdiend.

Het maximum in 2026

De transitievergoeding kent een wettelijk maximum dat jaarlijks wordt geïndexeerd op de contractloonontwikkeling. Voor 2026 is dat maximum 102.000 euro bruto. Ter vergelijking: in 2024 lag het op 94.000 euro en in 2025 op 98.000 euro.

Er is één belangrijke nuance. Verdient een werknemer méér dan 102.000 euro bruto per jaar, dan geldt niet het vaste maximum, maar een bruto jaarsalaris als bovengrens. Je neemt dus altijd het hoogste van de twee: het wettelijk maximum óf het jaarsalaris. Dat maximum geldt ongeacht de duur van het dienstverband.

(Let op: tussen bronnen verschilt het genoemde maximum voor 2026 — sommige noemen €98.000, de meeste en meest recente €102.000. Verifieer het exacte bedrag bij de Rijksoverheid voordat je dit publiceert.)

Wat je mag aftrekken

Je hoeft niet altijd het volledige bedrag te betalen. Bepaalde kosten mogen onder strikte voorwaarden in mindering worden gebracht op de transitievergoeding. Het gaat om twee categorieën: transitiekosten (gericht op het voorkomen of verkorten van werkloosheid, zoals outplacement of scholing voor een functie elders) en inzetbaarheidskosten (gericht op bredere inzetbaarheid, ook binnen het eigen bedrijf).

De voorwaarden zijn streng: de kosten moeten vooraf met de werknemer zijn afgestemd, en aan formele eisen voldoen. Het is dus geen vrijbrief om allerlei uitgaven achteraf te verrekenen.

De billijke vergoeding: waar het maximum stopt

Hier is een misverstand om recht te zetten: de 102.000 euro is geen hard plafond op wat een ontslag je maximaal kan kosten. Het is het maximum van de transitievergoeding. Daarboven bestaat de billijke vergoeding — een aanvullende compensatie die de rechter kan toekennen als de werkgever zich ernstig verwijtbaar heeft gedragen, bijvoorbeeld bij pesten, valse beschuldigingen of grove nalatigheid.

Voor die billijke vergoeding geldt geen wettelijk maximum. De basis ligt in het Burgerlijk Wetboek. In de praktijk betekent dit dat een slecht onderbouwd of onzorgvuldig ontslag een werkgever aanzienlijk méér kan kosten dan alleen de transitievergoeding — een reden te meer om de ontslagroute zorgvuldig te doorlopen.

Bruto, en dus belast

De transitievergoeding is altijd een brutobedrag. De werknemer betaalt er nog loonbelasting over; het nettobedrag dat overblijft is dus lager. De vergoeding wordt belast in box 1, tegen het zogeheten bijzonder tarief — een manier om te voorkomen dat de incidentele uitkering tot een onevenredig hoge inhouding leidt. Een speciale fiscale gunstregeling voor ontslagvergoedingen, zoals vroeger bestond, is er niet meer.

Wat dit voor jou als werkgever betekent

De praktische les: reken vooraf door wat een ontslag kost, en onderschat de aanvullende risico’s niet. De transitievergoeding zelf is met de formule goed te berekenen, maar de billijke vergoeding bij een onzorgvuldig dossier is dat niet — en juist daar lopen de kosten op. Een goed opgebouwd dossier en een correcte route zijn dus niet alleen juridisch nodig, maar ook financieel verstandig.

Veelgestelde vragen

Vanaf wanneer heeft een werknemer recht op een transitievergoeding?
Sinds 2020 vanaf de eerste werkdag, bij ontslag op initiatief van de werkgever.

Wat is de formule?
Een derde bruto maandsalaris per vol dienstjaar, met de rest naar rato per dag.

Wat is het maximum in 2026?
102.000 euro bruto, of een bruto jaarsalaris als de werknemer meer verdient. (Verifieer dit bedrag bij de Rijksoverheid; bronnen verschillen.)

Telt mijn bonus mee in de berekening?
Vaste, structurele variabele beloning zoals bonus of provisie telt mee, net als vakantiebijslag en een vaste eindejaarsuitkering.

Moet ik bij een vaststellingsovereenkomst de transitievergoeding betalen?
Formeel niet, maar in de praktijk geldt die vaak als ondergrens voor de onderhandeling.

Vervalt het recht ooit?
Ja, bij ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer.

Wat is de billijke vergoeding?
Een aanvullende vergoeding bij ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, zonder wettelijk maximum.

Mag ik kosten aftrekken?
Onder strikte voorwaarden mag je transitie- en inzetbaarheidskosten aftrekken, mits vooraf met de werknemer afgestemd.

Is de transitievergoeding netto of bruto?
Bruto. Er wordt nog loonbelasting over ingehouden, via het bijzonder tarief in box 1.

Geldt het maximum ook bij een heel lang dienstverband?
Ja, het maximum geldt ongeacht de duur van het dienstverband.

Hoe wordt het maximum jaarlijks bepaald?
Via indexatie op de contractloonontwikkeling.

Heb ik ook bij een aflopend tijdelijk contract een vergoeding verschuldigd?
Ja, als het op jouw initiatief niet wordt verlengd, bestaat in beginsel recht op een transitievergoeding.

Lees ook

Bronnen